Oorzaken dalend overheidsvertrouwen
Monday, April 7th, 2008Uit een aantal recente peilingen, van na de aanvaring tussen Wilders en Hirsch Ballin, blijkt dat de Nederlandse burger nog maar bar weinig vertrouwen heeft in de regering. En daarbij gaat het niet alleen om bestuurlijk vertrouwen (beschikt men wel over de vereiste capaciteiten?) maar men twijfelt openlijk aan de eerlijkheid van de bewindslieden. Geconfronteerd met deze bevindingen proberen de betrokken ministers de peilingen te bagatelliseren. Het is slechts “een peiling”, “de waan van de dag” en Rouvoet meende zelfs “maar 43% heeft wèl vertrouwen in de overheid”. Na doorvragen geven de ministers wel aan dat het een zorgelijke ontwikkeling is en dat “men er alles aan gaat doen om het vertrouwen te herstellen”.
De enigszins verraste reacties van de ministers verbaasde me enorm. Kennelijk hebben ze zelf het gevoel dat er niets aan de hand is en dat ze zelf niets verkeerd hebben gedaan. Ze verbazen zich erover hoe dit beeld van oneerlijkheid heeft kunnen ontstaan bij de burger maar weigeren de hand in eigen boezem te steken. Deze reactie is voor een deel te verklaren doordat politici altijd rekenen op het gebrek aan (of falen van) het collectieve geheugen van de burger.